Draadloze apparaten aansluiten

  1. Zorg ervoor dat alle draadloze apparaten die op het netwerk worden aangesloten op de modus Infrastructure (Infrastructuur) zijn ingesteld.

  2. Stel de SSID in de instellingen van het draadloze apparaat in op de Network name (SSID) (Netwerknaam (SSID)) die door de router wordt gebruikt.

  3. Als u op de router draadloze beveiliging hebt ingesteld, dient u ervoor te zorgen dat de beveiligingsinstellingen van het draadloze apparaat met die van de draadloze router overeenkomen. Raadpleeg de documentatie bij uw draadloze apparaat voor meer informatie over het wijzigen van de draadloze modus van het apparaat.